Stress en burn-out: de onderbelichte fysieke kant

Dat een burn-out vaak ontstaat na een periode van mentale stress die zich opstapelt, is algemeen bekend. Geldzorgen, familieperikelen, werkdruk, relatieproblemen, het gevoel altijd met anderen bezig te zijn en nooit eens tijd voor jezelf te hebben, ik noem er maar wat. Dat deze stressreactie ook een lichamelijke kant heeft, daar lees je niet zoveel over. Het zit zo.

HPA-as

Stress activeert de HPA-as, de Hypothalamus-Pituitary-Adrenal-axis (op z’n Nederlands: Hypothalamus-Hypofyse-Bijnier-as). Het maakt geen verschil of de oorzaak van de stress mentaal (die stapel werk) of fysiek (een blessure, bijvoorbeeld) is. De HPA- as is de verbinding tussen de hersenen, waar de stress wordt geregistreerd, en het orgaan dat de fysieke reactie op stress in gang zet. Dat orgaan is de bijnier, dat het stresshormoon cortisol produceert. Cortisol zorgt er in een stresssituatie voor dat we scherp blijven en de energie hebben om nog even door te gaan. Best handig, in acute gevallen. Dat je bijvoorbeeld een ontdekte fout in een belangrijk document nog op tijd voor de deadline kunt herstellen. Of dat je door je enkel gaat tijdens het hardlopen en toch nog veilig thuis weet te komen en hulp weet te regelen, voor je instort. Het is dat gevoel dat je even helemaal op scherp wordt gezet (dat doet overigens de adrenaline, die op zijn beurt de cortisol-reactie triggert) en onmiddellijk handelt tot er een oplossing is en de stressfactor wegvalt. So far so good.

Maar die HPA, die maakt helaas geen onderscheid tussen acute en chronische stress. Het kan de situatie niet zelf inschatten: “Hé man, dit is niet in een ogenblik op te lossen en gaat wel een paar maanden duren, dus nu ga ik maar ff uit.” Helaas. Bij een chronische trigger blijft de HPA-as voortdurend geactiveerd en wordt er voortdurend veel cortisol aangemaakt. En dat heeft allerlei gevolgen voor organen en processen in je lijf.

Grondstoffen

De vraag naar veel cortisol legt druk op de beschikbaarheid van eiwitten, cholesterol (waaruit het wordt geproduceerd), vitaminen en mineralen. Aangezien stress evolutionair gezien prioriteit krijgt boven alle andere lichaamsprocessen, omdat het ervoor zorgt dat we kunnen vechten of vluchten en daarmee overleven, gaan de bouwstoffen eerst naar de productie van cortisol als daarom wordt gevraagd. Dat betekent dat er voor andere processen die dezelfde bouwstoffen vragen, zoals de productie van serotonine (waardoor je je blij voelt), melatonine (waardoor je goed slaapt), dopamine (waardoor je vooruit kunt kijken en plannen), adrenaline (waardoor je acties kunt blijven ondernemen) minder over is. Dat kan wel even opgevangen worden, maar als de stress langer duurt dan komen deze processen in het gedrang: je wordt depressief, slaapt slechter, hebt geen overzicht meer, er komt niets meer uit je handen. Ook worden weefsels in je lijf minder goed onderhouden: je krijgt een dunnere huid, haaruitval, broze nagels, je verliest spiermassa.

Lever

Cortisol zorgt voor een voortdurend hoge bloedsuikerspiegel. Dat is nodig omdat er bij stress steeds energie nodig is. Je lichaam wordt alert gehouden: misschien moet je wel vluchten of vechten. Het op peil houden van je bloedsuikerspiegel vindt plaats in de lever. Stress legt dus druk op je lever. (“Wat heb je op je lever?!” Denk daar maar eens over na ;-)…). Je lever is verminderd beschikbaar voor andere leverfuncties, zoals ontgifting. Daardoor kunnen gif- en afvalstoffen zich ophopen in je lichaam. En last but not least, je wordt er heel moe van, van zo’n drukke lever.

Alvleesklier

De lever houdt dus je bloedsuikerspiegel hoog. Voor de zekerheid. Een hoge bloedsuikerspiegel vraagt om een voortdurende productie van insuline. Dat gebeurt in de alvleesklier. Bloedsuiker, glucose, is heel schadelijk voor je bloedvaten. Daarom wordt je bloedsuikerspiegel heel nauwkeurig gereguleerd door insuline. Insuline zorgt ervoor dat de beschikbare glucose wordt verwerkt of opgeslagen. De aanwezigheid van glucose in de bloedbaan is een directe trigger voor de alvleesklier om insuline vrij te geven. De alvleesklier produceert niet alleen insuline, maar ook spijsverteringsenzymen, die helpen bij de vertering van alles wat je eet. De alvleesklier is echter geen multi-tasker en kan niet tegelijk insuline en enzymen produceren. Zonder enzymen wordt je eten niet goed verteerd. Het kan dan niet goed worden verwerkt in je darmen: er worden minder voedingsstoffen uit opgenomen en er blijven meer onverteerde resten achter.  En zo ontstaan dankzij stress spijsverteringsproblemen.

Bijnieren

Tot slot komen de organen die cortisol produceren, de bijnieren dus, onder druk te staan. Als een orgaan voortdurend te intensief wordt belast dan kan het uitgeput raken. Uitputting van de bijnieren heeft tot gevolg dat ze hun werk niet meer goed doen en er minder hormonen worden aangemaakt. Dat geldt niet alleen voor de stresshormonen cortisol, adrenaline en noradrenaline, maar ook voor de andere hormonen die in de bijnieren worden geproduceerd: de geslachtshormonen en aldosteron. Dat leidt behalve tot een verstoorde stressreactie, ook tot verlies van libido, menstruatieproblemen, vruchtbaarheidsproblemen en problemen met het reguleren van de bloeddruk.

Vergeet het fysieke stuk niet!

Stress heeft dus veel meer gevolgen dan je op het eerste gezicht zou denken. Heb je dan uiteindelijk die stressfactoren onder controle, dan zijn de tekorten in je lijf en de processen die daardoor scheef zijn gelopen, niet zomaar ineens opgelost. Daarom voel je je bij een burn-out vaak nog lang nadat je de stress de baas bent doodmoe en uitgeput en gaat het herstel maar langzaam. Je kunt dit enorm versnellen door naast de mentale stress ook de fysieke factoren aan te pakken. Ondersteun je lijf te met de juiste voeding, geef het een boost met voedingssupplementen, geef het rust door ontspanning, breng het weer op gang met de juiste vorm van beweging, krijg het weer op de rit met het aanpakken van je bioritme. Ik help je daarbij met een op maat gemaakt stappenplan waarin precies staat wat jìj nodig hebt om jòùw lijf weer op de rit te krijgen. Hier lees je hoe. Snel doen, je hebt geen tijd te verliezen!

Liefs,

~ Femke

 

Grip op je schild(ge)klier

Mijn vorige blog gaf een heleboel informatie over schildklierproblemen. Herkende je jezelf daarin? En als je daar nou last van hebt, wat kan je dan zelf doen? Ik geef je 5 praktische tips:

Tip 1
Krijg voldoende voedingsstoffen binnen die nodig zijn voor de werking van de schildklier:
Eiwitten en specifiek de aminozuren L-tyrosine en L-phenylalanine. Deze vind je in dierlijke eiwitten, zoals vis en gevogelte. Hoe meer beweging de dieren hebben gehad, hoe meer spieren en dus eiwitten ze bevatten.
De mineralen selenium, jodium, zink, koper, mangaan. De eerste vier vind je vooral in zeevoeding (vis, schaal- en schelpdieren, zeewier) en in mindere mate ook in groenten. Mangaan komt voor in groenten (artisjokken, asperges, spinazie, boerenkool en rode bietjes), in fruit (druiven, perziken, rode en zwarte bessen, frambozen en bananen) en in cacao, rode wijn en thee.
De vitaminen A, B, C, D en E. Vitamine A, D en E komen vooral voor in dierlijke producten en met name levertraan. Vitamine A komt ook voor in felgekleurde (groen, geel, rood, oranje) groenten en fruit. De grootste bron van vitamine D is zonlicht. Vitamine E komt ook voor in meervoudig onverzadigde oliën, zaden en noten. De B-vitaminen vind je in dierlijke producten en met name orgaanvlees, in noten en in paddestoelen. Vitamine B6 en B11 vind je, evenals vitamine C, ook in groenten en fruit.
Anti-oxidanten: vitamine E, vitamine C, gluthation en indirecte anti-oxidanten. Gluthation komt voor in verse groenten en fruit, vis- en vleesproducten, maar met name asperges, avocado, en walnoten. Indirecte anti-oxidatieve stoffen zijn resveratrol (uit druiven en rode wijn), alliicine (uit knoflook), curcumine (uit geelwortel) en sulforafaan (uit broccoli).

Tip 2
Beperk je stress (of ga er anders mee om).
Stress is een belangrijke oorzaak van schildklierproblemen. Is stress een ding in jouw leven? Maak je je snel druk? Welke stressbronnen kan je met een simpele, praktische oplossing wegnemen? Hoe kan je stress vermijden? En: als de stressbron niet te vermijden is, hoe kan je dan je houding ten aanzien van deze bron veranderen?  Je kunt bijvoorbeeld letterlijk besluiten je niet meer druk te maken over iets dat toch niet opgelost kan worden. Het is zoals het is, laat het los, laat het gaan ;-)… Kom je niet los van de stress, dan is het goed om samen met iemand te kijken naar hoe je het kunt aanpakken.

Tip 3
Los onderliggende problemen met je immuunsysteem op.
Een van de grootste triggers voor chronische activatie van het immuunsysteem is dat er voortdurend stoffen via de darmwand in je lichaam komen waarvan dat niet de bedoeling is. Verhoogde doorlaatbaarheid van de darm vraagt twee aandachtspunten: goed letten op je voeding en het helen van de darm. Voeding (tip 1) is hier cruciaal, maar ook het aanpakken van stress (tip 2) speelt een belangrijke rol. Naast het weglaten van schadelijke voeding is het van belang dat je voldoende voeding toevoegt die je darmen helpt te herstellen en die je immuunsysteem tot rust brengt. Het aminozuur L-glutamine is belangrijk voor de darmen; veruit de belangrijkste bron is bouillon getrokken van botten van rund of kip. Om het immuunsysteem tot rust te brengen is het belangrijk dat je veel bronnen van omega-3 eet: vette vis, schaal- en schelpdieren dus. Eet daarnaast ruim wortel- en knolgewassen; deze bevatten stoffen met ontstekingsremmende werking.

Tip 4
Los leptineresistentie als oorzaak van je schildklierproblemen op.
Hoe weet je of je leptine resistent bent? Een van de belangrijkste symptomen is een stoornis in je hongergevoel. Heb je de hele dag door honger (je moet wel 8 keer per dag iets eten) of heb je juist helemaal nooit honger? De oplossing is voor een deel gelegen in het aanpassen van je voedingspatroon en dan vooral het verminderen van het aantal eetmomenten. Probeer eens grotere, voedzamere porties te eten en dan minder vaak op een dag. Daarnaast zijn overnight fasting (gedurende 13 tot 16 uur, van na je avondeten tot je ontbijt, niets meer eten of drinken (anders dan thee of water)) en nuchter bewegen (dus sporten of wat intensieve lichamelijke oefeningen doen voordat je gaat eten) belangrijke factoren in het onder controle krijgen van leptineresistentie. Tot slot is aandacht voor je bioritme van belang om leptineresistentie op te lossen. Meer over het bioritme lees je in mijn eerdere blogpost over dat onderwerp. De tips die ik daarin geef over het aanpassen naar de wintertijd, zet ik ook in bij het herstellen van het bioritme. Daarnaast kan je gebruikmaken van melatonine, maar ga daar niet zomaar zelf mee rommelen. Vraag altijd advies aan een deskundige.

Tip 5
Heb je Hashimoto of Graves, dan is het extra belangrijk dat je alle immuuntriggers in je voeding vermijdt. Het Auto-immuunprotocol is dan een goed uitgangspunt. Voeg daarnaast zoveel mogelijk voeding toe die de darmen en het immuunsysteem ondersteunen (tip 3). Vermijd bij Hashimoto te allen tijde het eten van tarwe en zoogdiervlees (rund, varken, schaap, etc.) als directe triggers van deze ziekte.

Helpen deze tips je verder? Of heb je nog vragen? Laat het weten in een reactie!

 

Schild(ge)klier

Ken je dat gevoel? Je bent moe, futloos, hebt geen energie en ondanks al je pogingen om af te vallen, slaag je daar niet in. Je hebt het altijd koud, vooral al je uiteindjes (handen, voeten, neus) lijken wel van ijs. Of misschien herken je je juist in het volgende: je bent een nogal rusteloos persoon, hebt vaak last van hartkloppingen, voelt je opgejaagd, je valt af terwijl je dat niet wilt. Of je heb last van een hele zwik “vage” klachten waarvoor niemand echt een oorzaak kan aanwijzen… Heb je er wel eens aan gedacht om de oorzaak van je klachten te zoeken in de werking van de schildklier…? “Schild(ge)klier” verder lezen

Chronische ziekten: de oplossing

Heb je een chronische ziekte, dan is de kans groot dat je al talloze artsen bent af gelopen. Wellicht gebruik je medicijnen, of heb je te horen gekregen dat je maar met je ziekte moet leren leven. De reguliere geneeskunde heeft geen oplossing voor chronische ziekten.

Reguliere geneeskunde is gericht op het bestrijden van de symptomen. Medicijnen, zoals pijnstillers of ontstekingsremmers, zijn effectief in het bestrijden van symptomen als pijn en ontstekingen. Ze onderdrukken de werking van het immuunsysteem. Hierdoor heb je enerzijds minder last van je ziekte, maar loop je anderzijds meer kans op andere ziekten. Het onderdrukte immuunsysteem reageert niet meer adequaat op aanvallen van buitenaf, waardoor infecties meer kans hebben. Je loopt het risico dat je bijvoorbeeld vaker antibiotica nodig hebt.

Behandeling door een regulier arts kan absoluut (tijdelijk) nodig zijn om grip te krijgen op de ziekte, maar het gebruiken van medicijnen om de symptomen onder controle te houden, is meestal niet de oplossing. Zolang alleen de symptomen worden onderdrukt, wordt de onderliggende oorzaak van je chronische ziekte niet wordt opgelost.

Bij auto-immuunziekten loop je door onderdrukking van het immuunsysteem met medicijnen de kans om nieuwe auto-immuunreacties te ontwikkelen: we zien vaak dat auto-immuunziekten zich in de loop van de tijd gaan stapelen.

De PNI-aanpak
De PNI, Psycho-Neuro-Immunologie, is de wetenschap die zich bezighoudt met de invloed van emoties (psycho) en het zenuwstelsel (neuro) op het immuunsysteem. Elke ziekte begint bij een falend immuunsysteem en de oorzaak daarvan ligt in het zenuwstelsel en/of de psyche. Binnen de PNI wordt op een andere manier gekeken naar ziekten. In plaats van symptomen te bestrijden, wordt gezocht naar de oorzaak van de ziekte en de oplossing daarvan. Een van de middelen die daarbij wordt ingezet is het aanpassen van voedings- en leefstijl, omdat deze een grote rol spelen bij het ontstaan van auto-immuunziekten.

Ik ga met jou op zoek naar die oorzaak en pak de bron van het probleem aan, in plaats van de symptomen te bestrijden. Naast voeding en supplementen, spelen ook beweging, bioritme (slaap!), ontspanning en het reguleren van emoties een belangrijke rol bij het oplossen van ziekte. Deze dingen zijn allemaal met elkaar vervlochten. Wil je je ziekte echt oplossen, dan zul je aan alle aspecten moeten werken. Natuurlijk kan je vooruitgang boeken door te werken aan één of enkele aspecten, maar het geheel samenpakken levert het beste resultaat.

Hoe ziet zo’n PNI-aanpak er uit? Allereerst besteed ik ruim aandacht aan voeding en suppletie. Wat doet voeding met je lichaam? Wat eet je en hoe vaak? Wat drink je en wanneer? Heeft je lichaam extra ondersteuning in de vorm van suppletie nodig?

Daarnaast kijk ik naar bioritme. Het bioritme speelt een sleutelrol in de werking van het immuunsysteem, omdat dit invloed heeft op onder meer de productie van cortisol. In je slaap vinden talrijke herstelprocessen plaats. Daarom is het van groot belang om ervoor te zorgen dat je voldoende lang en diep slaapt.

Ook beweging is essentieel. Niet of onvoldoende bewegen heeft een zeer ongunstige invloed op het ontstaan van ziekten. Tegelijkertijd is te intensief bewegen ook niet goed, want dat is weer stress (denk aan cortisol) voor het lichaam.

Het onder de loep nemen van stress, ontspanning en emoties is een belangrijk onderdeel in mijn aanpak. Dagelijks staat ons lichaam bloot aan stress. Stress doet zich voor in allerlei vormen, zoals voedingsmiddelen waar je lichaam moeite mee heeft, een deadline die gehaald moet worden, bezorgdheid over je kinderen, een relatie die niet lekker loopt, dreigend ontslag, geldzorgen, ziekte. Voor ontspanning hebben we vaak maar weinig tijd. Ook negatieve emoties worden onderbelicht. Maar wat er niet uit kan, blijft in je systeem hangen en heeft onvermijdelijk negatieve gevolgen.

Tot slot besteden we aandacht aan prikkels in de vorm van warmte/koude, honger/dorst, kortom: prikkels om uit je comfort-zone te komen. Deze comfort-zone lijkt geweldig, maar is op den duur helemaal niet zo comfortabel. Het zijn juist oncomfortabele prikkels die ons lichaam aanzetten tot aanpassing en die ons lichaam flexibel houden. In een lichaam dat zich goed aan veranderende omstandigheden kan aanpassen, werkt het immuunsysteem ook beter. Daardoor ben je beter bestand tegen ziekte.

In mijn behandeling komen alle bovengenoemde aspecten uitgebreid aan bod. In duidelijke, behapbare stappen leer je om zelf aan de slag te gaan met deze aspecten en krijg je controle over je ziekte. Niet alleen vertel ik je wát je moet doen, ik vertel je ook hóé en waaróm. Want als je de reden kent en begrijpt, is het veel gemakkelijker om vol te houden.

Meer weten? Let me know! https://www.femkevandoesburg.nl/contact

Oorzaken van chronische- en auto-immuunziekten (deel 1)

Een chronische of auto-immuunziekte ontstaat niet zomaar. Er gaat een proces aan vooraf waarbij in je lichaam haperingen plaatsvinden in herstelprocedures. Het immuunsysteem slaagt er niet in om pathogenen (ongewenste indringers) adequaat onschadelijk te maken. Je lichaam kiest een bepaalde oplossingsstrategie die niet optimaal is. Er zijn een heleboel oorzaken aan te wijzen voor het ontstaan van chronische- en auto-immuunziekten. In een tweetal artikelen vertel ik je hier meer over.

Genen
Ziekte ontstaat door een mismatch tussen onze genen en onze omgeving. Vanuit evolutionair oogpunt zijn onze genen ingesteld op een bepaalde omgeving en hebben dan ook daarop gebaseerde “verwachtingen”. Als de werkelijkheid niet overeenkomt met deze verwachtingen, gaat het mis. Onze genen zijn nog niet ingesteld op de huidige tijd; genetische aanpassingen verlopen daarvoor veel te langzaam. Onze genen zijn nog gebaseerd op ons leven in de oertijd, maar daar kunnen (en willen!) we natuurlijk niet naar terug. Aan je genen kan je niet zoveel veranderen; genetische aanleg voor een auto-immuunziekte kan bijvoorbeeld niet worden tenietgedaan. Het al dan niet daadwerkelijk ontstaan van de auto-immuunziekte kan echter wel beïnvloed worden. Hierbij spelen voeding en leefstijl een cruciale rol.

Externe factoren
Een andere oorzaak van het ontstaan van auto-immuunziekten ligt in externe factoren, oftewel factoren van buitenaf. Denk aan blootstelling aan schadelijke omgevingsstoffen of medicijnen en hormonen, voeding en leefstijl. Op deze laatste twee wil ik wat dieper ingaan, omdat zij een belangrijke bijdragen leveren aan een haperend immuunsysteem. Tegelijkertijd zijn deze twee aspecten het gemakkelijkst door onszelf te beïnvloeden.

Voeding en leefstijl
Voeding, en vooral de eenzijdigheid in onze voeding, is een belangrijke oorzaak die bijdraagt aan het ontstaan van ziekten. We eten te veel en te vaak van hetzelfde. Vaak hebben we een vast stramien van groenten die we door de week heen eten en eten we maar één soort groente per dag. Wel eten we drie keer per dag granen en zuivel en eten we dagelijks nachtschades. Daarnaast regelmatig peulvruchten, dagelijks zoogdiervlees en heel soms een vis; het is allemaal niet bepaald een goede basis voor gezonde darmen, waar de basis van het immuunsysteem ligt.

Ook onze huidige leefstijl heeft grote invloed op onze gezondheid. We zijn druk en kennen nauwelijks nog echte ontspanning. We “moeten” vanalles, maar zodra we “moeten”, is het stress. Bij velen van ons is (bijvoorbeeld doordat we te druk zijn) het biotrime (het dag-nacht-ritme) verstoord, wat van invloed is op de kwaliteit van je slaap. Slaap is nodig voor herstel en regulatie van allerlei lichaamsprocessen en is van levensbelang. Je kunt jezelf letterlijk beter slapen (en slank trouwens ook! Daarover vertel ik graag een andere keer meer). Naast slaap is ook beweging een cruciale factor. En dan heb ik het nog niet eens over de sportschool: enkel het feit dat we veel te veel zitten is al ziekmakend.

Het feit dat we het liefst in onze comfort-zone verblijven, helpt ook niet erg. Lichamelijke uitdagingen zoals dealen met kou of warmte zijn er niet meer bij. Maar ook geestelijke uitdagingen worden ons uit de weg genomen: contactgegevens staan in je telefoon, iets uitrekenen is met de rekenmachine op je smartphone een fluitje van een cent en weet je iets niet, dan helpt Google je uit de brand. We realiseren ons niet dat het feit dat een steeds minder groot beroep wordt gedaan op onze vaardigheden, ons in een alsmaar slechtere conditie brengt. En dat deze slechtere conditie een belangrijke bijdrage levert aan het ontstaan van ziekten. Immers: if you don’t use it, you lose it. Het lichaam zal cellen die niet of nauwelijks worden gebruikt, afbreken. Waarom iets in stand houden (wat energie kost) als er toch geen beroep op wordt gedaan?

Chronische stress
Een andere belangrijke oorzaak van auto-immuunziekten is chronische stress. In een situatie van chronische stress wordt de stress-as (de hypothalamus-hypofyse-bijnier-as, oftewel HPA-as (vanuit het Engels: hypothalamus-pitiutary-adrenal-axis)) continue belast. Deze as is een hormonaal aangestuurd systeem dat zorgt voor de productie van cortisol. Cortisol heeft verschillende functies in ons lichaam. Een ervan is dat het werkt als ontstekingsremmer. Cortisol dient bij een extern gevaar (een tijger die op je af komt (of een berg werk, in de tegenwoordige tijd)) onder meer als ontstekingsremmer die alvast vrijkomt voor het geval dat de stresssituatie leidt tot een verwonding. Als de stresssituatie langer duurt en de HPA-as geactiveerd blijft, zijn er voortdurend (te) hoge cortisolniveaus in het lichaam. Juist vanwege het feit cortisol een ontstekingsremmer is, is een langdurige overvloedige aanwezigheid ervan niet gunstig omdat het de werking van het immuunsysteem onderdrukt. Daardoor wordt de kans groter dat het immuunsysteem gaat haperen.

Chronische stress kan ook leiden tot een situatie waarin er helemaal geen cortisol meer wordt geproduceerd. Als de bijnieren door voortdurende aanwezigheid van stressoren alsmaar overuren draaien, ontstaat op den duur het gevaar dat ze gaan haperen en hun werk niet meer doen. Dan ontstaat een situatie die ook wel “bijnieruitputting” wordt genoemd. Als er helemaal geen cortisol meer is, dan kunnen ontstekingen niet meer goed geremd worden en moet het immuunsysteem door deze voortdurend aanwezige ontstekingen alsmaar actief blijven. En bij een continue actief immuunsysteem wordt de kans groter dat het fouten gaat maken.

Kortom, chronische stress kan zorgen voor zowel een situatie van teveel cortisol als een situatie van te weinig cortisol en beide situaties kunnen leiden tot het haperen van het immuunsysteem. Om die reden is het, zeker bij chronische- en auto-immuunziekten, ongelofelijk belangrijk om stressfactoren aan te pakken.

In deel twee uit deze serie lees je meer over de invloed van je darmgezondheid op het ontstaan van ziekten.

Wat doe jij tegen stress? Laat het weten in een reactie!